In het najaarsprogramma beginnen we met een vrolijk scherzo van de Rus Alexander Borordin. Borodin had een carriere als chemicus, die hij combineerde met het componeren van vele werken. Hij behoorde met oa. Modest Moessorgski en Nikolaj Rimsky Korsakov tot het ‘Het Machtige Hoopje’ en bouwde een aardig oeuvre op: kamermuziek, opera’s, symfonieën en andere orkestwerken. Het scherzo komt uit zijn eerste symfonie en staat ook als los stuk overeind. Met een klassieke opbouw en Russische sferen huppel je haast over de lange toendra’s.


Cecil Forsyth studeerde compositie bij Charles Villiers Stanford en Hubert Parry en was een goede altviolist, hij speelde bij meedere Londense orkesten. Ook schreef hij veel over muziek(-geschiedenis) en muziektheorie. Als componist schreef hij veel voor de altviool, zijn eigen instrument, en componeerde hij in de Engelse traditie veel koorwerken.

Het altvioolconcert valt meteen met de deur in huis; na het openingsakkoord van het orkest zet de solist het eerste thema neer en er ontwikkelt zich een boeiend concert met mooie orkestbegeleiding. Dit concert verdient het vaker geprogrammeerd te worden.


Beethoven kreeg opdracht van graaf Von Oppersdorff om een symfonie te schrijven. De graaf was erg onder de indruk van zijn tweede symfonie en gaf de grote Beethoven veel geld voor het schrijven van een nieuw groot werk. De vierde symfonie werd een symfonie waar alle emoties in verwerkt zijn, van woede tot liefde, felle uitbarstingen en tere melodieën, allemaal verweven in een energiek en ritmisch stuk zoals alleen Beethoven dit kan.

Laat u weer (opnieuw) verrassen en verwonderen door dit meesterwerk.

Toelichting op het programma: